Onze voeding moet twee klassen van ‘essentiële’ vetzuren aanvoeren die onmisbaar zijn voor tal van lichaamsfuncties: de omega-3-vetzuren en de omega-6-vetzuren. Bovendien is ook de balans tussen deze twee klassen van belang voor een optimale gezondheid. Helaas consumeert de modale westerse mens veel te veel omega-6-vetzuren ten opzichte van omega-3-vetzuren, een disbalans die het risico op allerlei ontstekingsziekten vergroot. Om die reden zijn omeag-3-vetzuren in de preventie en aanpak van tal van ziektebeelden quasi onmisbaar geworden.
Explosie van linolzuur
Vóór
de industriële revolutie (1865) kreeg de mens ongeveer gelijke hoeveelheden
omega-3- en omega-6-vetzuren binnen met de voeding. Eerstgenoemde groep
poly-onverzadigde vetzuren vooral via groene groenten en vette vis, de tweede
groep poly-onverzadigde vetzuren in hoofdzaak als onderdeel van granen, noten,
peulvruchten en traditionele vetten zoals boter, rundvet en olijfolie. Na 1865,
onder invloed van een steeds groter worden voedingsindustrie die een
technologie had ontwikkeld om uit zaden oliën te persen, kwamen steeds meer
zaadoliën in de voeding terecht en dit vooral onder de vorm van zonenbloem-,
soja-, maïs-, saffloer-, duivenpit-, rijsvlies- en katoenzaadolie en als
ingrediënt van honderdduizenden voedingsmiddelen. Dat gebruik van de in
imposante raffinaderijen goedkoop geproduceerde zaadoliën, die bijzonder rijk
zijn aan omega-6-vetzuren, nam ook toe omdat verzadigde vetzuren zoals in
boter, rundvet en kokosolie – totaal onterecht – als de boosdoeners voor hart-
en bloedvaten werden uitgeroepen. Resultaat: waar de mens vóór 1865 amper 1%
van zijn calorieën haalde uit het linolzuur, het stamvetzuur van de omega-6-vetzuren,
bestaat de calorie-aanbreng van de huidige westerse voeding voor 7 à 12% uit
linolzuur. De grootste verandering die de laatste 160 jaar in de voeding heeft
plaatsgegrepen, is dan ook dat linolzuur er 7 à 12% maal meer in voorkomt dan
voorheen, terwijl de omega-3-vetzuren gelijk zijn gebleven of zelfs verminderd.
Chronische, laaggradige ontsteking
Nu moet er normaal een redelijke balans zijn tussen de omega-6- en omega-3-vetzuren in de voeding: tussen 1/1 tot 4/1. De ‘pro-inflammatoire’ omega-6-vetzuren, voorop linolzuur, hebben we namelijk in zekere mate nodig om ontstekingsreacties in het lichaam te kunnen opwekken: bv in acute fase van een infectieziekte, bij een trauma of een wonde, om indringers te bestrijden en beschadigde weefsels op te ruimen. Daarna is het aan de omega-3-vetzuren om de ontsteking in te dijken en het herstel af te werken. Helaas bevat het huidige voedingspatroon gemiddeld 10 maal meer omega-6-vetzuren dan omega-3-vetzuren en in grootstedelijke milieus bedraagt die verhouding zelf 25/1. Deze disbalans heeft een rampzalig gevolg: ze is een zeer belangrijke, zo niet de belangrijkste oorzaak geworden van de op chronische ontsteking gebaseerde ziektebeelden zoals hart- en vaatziekten, de ziekte van Alzheimer en Parkinson, gewrichtsklachten, auto-immuunziekten en kanker.
Balans
herstellen
Eén van de belangrijkste zaken die moet gebeuren in de holistische aanpak van de op ontsteking gebaseerde ziektebeelden, i dan ook de verstoorde verhouding omega-6/omega-3 herstellen. Zonder twijfel is het belangrijkste dat hierbij moet gedaan worden: de hoger vernoemde linolzuurrijke zaadoliën en alle voedingsmiddelen die ze bevatten zo sterk mogelijk reduceren. Daarnaast moet eigenlijk – en dit zeker een aantal maanden tot de balans hersteld is – gezorgd worden voor een extra inname van de omega-3-vetzuren van een onberispelijke kwaliteit.
ALA,
EPA en DHA
Om over voldoende omega-3-vetzuren te beschikken, moet onze voeding in de eerste plaats voldoende van het ‘stamvetzuur’ alfalinoleenzuur (ALA) aanvoeren. De belangrijkste bronnen daarvan zijn alle groene groenten, voorop postelein, veldsla, peterselie en kolen. Ook de ongeraffineerde, koudgeperste oliën uit lijnzaad, chiazaad en perillazaad kunnen een duit in het zakje doen. Hoewel alfalinoleenzuur op zich al belangrijke functies in het lichaam vervult, is vooral de omzetting ervan tot de omega-3-vetzuren EPA (eicosapentaeenzuur) en DHA (docosahexaeenzuur) nodig om breed ontstekingsprocessen in het lichaam af te helpen remmen. En daar knelt het schoentje: om verschillende redenen zoals erfelijke factoren, overgewicht, diabetes, te veel omega-6-vetzuren in de voeding, gevorderde leeftijd en nutritionele tekorten (zink, magnesium, vitamines B en C), gebeurt de omzetting van ALA tot EPA en tot DHA maar matig bij de westerse mens, respectievelijk 8 à 12% en 0.5 à 9%. Gevolg: directe voedingsbronnen van EPA en DHA zijn dus zeer belangrijk: vooral wilde, vette vis en op een tweede plan grasgevoerde dieren en de zuivel die daarvan afkomstig is. Ook schaaldieren zijn rijk aan EPA en DHA, maar die vertonen tegenwoordig het nadeel van milieugiffen en microplastics te accumuleren.
Extra
omega-3: kwaliteit voorop
Als
een arts of therapeut beslist om, naast voedingsmaatregelen met onder meer een
strenge afname van de omega-6-vetzuren te adviseren, komt dat meestal neer op
een visolie of een algenolie van een onberispelijke kwaliteit (of eventueel
krillolie). Absolute zuiverheid (zware metalen, PCB’s, dioxine, pesticiden) is
hierbij een must. Omdat deze poly-onverzadigde vetzuren zeer snel oxideren,
worden ze best verkregen door ‘koude’ CO2-extractie of destillatie bij lage
temperatuur en moeten ze tegen oxidatie beschermd worden door vitamine E (best
gemengde tocoferolen) en eventueel rozemarijnextract. De oxidatiegraad (TOTOX-waarde)
moet bewezen laag zijn en de extractie moet gebeuren zonder toxische stoffen.
Duurzaamheid is zeer belangrijk: visolie moet daarom gemaakt worden uit
niet-bedreigde vissoorten en via gecontroleerde visvangst. Zijn ook wenselijk:
capsules van visgelatine of gemodificeerd zetmeel en vetzuren onder de vorm van
triglyceriden voor de beste opname.
Voornaamste indicaties
Extra
EPA en DHA zijn aangewezen bij alle condities die berusten op chronische
laaggradige ontsteking, zo eenvoudig is het. In de praktijk worden ze vooral
voorgeschreven in de preventie en aanpak van:
- Hart- en vaatziekten: naast het verminderen van chronische
ontsteking in de bloedvaten, helpen omega-3-vetzuren nog op andere manieren het
proces van atherosclerose (slagaderverkalking) af te remmen: ze werken
natuurlijk bloedverdunnend, ze verlagen het gehalte aan triglyceriden en
verhogen het HDL-cholesterolgehalte (waarmee ze de belangrijkste risicofactor
triglyceriden/HDL verlagen), ze verlagen hoge bloeddruk, bevorderen het
hartritme en helpen bloedvaten elastisch te houden.
- Geheugen- en
concentratiestoornissen, Ziekte van Alzheimer: naast de hogervermelde
aangehaalde positieve inwerking op de doorbloeding en het remmen van chronische
ontsteking, speelt hierbij ook nog een rol dat DHA een essentieel onderdeel is
van zenuwcelmembranen en EPA onmisbaar is voor een vlotte prikkeloverdracht.
- Stemmings- en
ontwikkelingsstoornissen: EPA en DHA zijn bijna een must bij de holistische
aanpak van depressiviteit, naast planten zoals saffraan, rhodiola en kurkuma.
Aangevuld met het bijzondere omega-6-vetzuur GLA of gammalinoleenzuur, kunnen
EPA en DHA ook verbeteringen opleveren bij ontwikkelingsstoornissen zoals ADHD
(Attention Deficit and Hyperactivity Disorder) en ADD (Attention Deficit
Disorder).
- Spier- en gewrichtsklachten: Het
is evident dat omega-3-vezturen door hun ontstekingswerende werking ook
inzetbaar zijn bij ontstekingsbeelden van gewrichten, spieren, pezen, en slijmbeurzen.
Ze verbeteren daarbij het gunstige effect van andere natuurlijke maatregelen
zoals kurkuma, boswellia, gember, eierschalenmembraan, collageen, MSM,
bioactieve silicium, glucosamine en chondroïtine.
- Vroegtijdige ouderdomsverschijnselen:
niet alleen
omdat verouderen voor een deel een gevolg is van de laaggradige ontsteking,
maar ook omdat ze het DNA beschermen, zijn omega-3-vetzuren nuttig. Celdelingen
houden op namelijk op als de beschermende uiteinden van het DNA (de ‘telomeren’)
te kort geworden zijn en omega-3-vetzuren remmen het verkorten van telomeren.
- Migraine: Zeker indien ze gekoppeld
worden aan een sterke restrictie van de linolzuurrijke omega-6- vetzuren, zijn
EPA en DHA nuttig om geleidelijk aan de ernst en frequentie van
migraineaanvallen geleidelijk te verminderen.
- Hersentrauma’s
- Post-traumatische stress (PTSD)
- Maculaire degeneratie (leeftijdsgebonden afname van
het gezichtsvermogen)
- Mannelijke en vrouwelijke
subfertiliteit (verminderde
vruchtbaarheid)
- Verminderd
sportprestatievermogen, blessures en overbelastingsverschijnselen
- Zwangerschapscomplicaties: lagere kans op vroeggeboorte
- Auto-immuunziekten: multiple sclerose, ziekte van
Cröhn, colitis ulcerosa, psoriasis, lupus erythematosus,…
- Metabool syndroom, Overgewicht,
Vetlever en Diabetes type 2
- Kanker: vnl. preventie van borst- en
colonkanker
- Chronische
luchtwegenaandoeningen, zoals
asthma
- Psychiatrische ziekten
- Huidziekten: eczema, netelroos, psoriasis
- Glaucoom
Bron:
Biogezond februari 2026 pag. 6 t/m 10.
